| Notities persoon | mogelijk doopsgezind (zie akte 8 maart 1703 waarbij Jan Schoneveld bij handtastinge zijn goederen overdraagt aan Egbert Ottenhof).
23 februari 1693 verschenen Egbert ter Tusschedes weduwe met haar zoon Jan citeren de Bieker, Jan Wanink, Jan ter Schoneveld als erfgename van wijlen Jan Ottenhoff en Jan Geerligs als gecommiteerden van de Deldener Esch. Betreft kwestie van nieuw Reglement en instemming hiermee van de bourmannen van de Deldener Esch, hiervoor vermeld (Bron: Archief Richterambt Delden, inv. nr. 48 foto 242).
11 april 1694 Jan Schonevelt en zijn vrouw [Janna Ottenhoff] verklaren schuldig te zijn aan Egbert Ottenhoff en Jan van Graas 125 guldens van 20 stuivers. Als borg wordt gesteld: 2 weefgetouwen met toebehoren, 2 koeien, een kast, een spinde, een kist een baktrog, de rogge in de Veltcamp, haver in Bellink, een stuk rogge op Pieriksland (Bron: Archief Richterambt Delden, inv. nr. 48 foto 331).
8 maart 1703 Jan ten Schoneveld mede namens zijn absente huisvrouw verklaart schuldig te zijn aan Egbert Ottenhof 3 jaren pacht, te weten 1700, 1701 en 1702 te weten 68 guldens en 15 stuivers, buiten hetgeen reeds betaald is en daarbij nog 22 guldens en 15 stuivers, dus in totaal 83 guldens en 9 stuivers, zijnde het verschoten geld des herenlasten. Tot afbetaling van de schuld draagt Jan ten Schoneveld de volgende goederen over aan Egbert Ottenhoff: een koe, een kast, een trog, een kist, een scheer zomp met een scheer latte, 4 kammen, 2 bedden, een gardijn, een tafel, een schreen, 2 wielen en 3 ijzeren potten. Jan ten Schonevelt heeft met handtastinge beloofd de goederen over te dragen aan Egbert Ottenhof (Bron: Archief Richterambt Delden, inv. nr. 49 foto 337).
23 september 1708 verschenen Hermken Ellevelt wed. van Hertger Bloemden, gesterkt met Egbert ten Schoneveld, verklaart 250 guldens schuldig te zijn aan Jan ten Schoneveld en diens vrouw (Bron: Archief Richterambt Delden, inv. nr. 12 foto 157).
4 mei 1719 Jan ten Schonveld citeert Roelof Satink vanwege van hem of zijn vrouw 71 stuks gekochte garens op de Deldener wintermarkt in het jaar 1718. Deze bleken achteraf niet allemaal compleet en heel te zijn, er waren er bij in stukken (Bron: Archief Richterambt Delden, inv. nr. 50 foto 353ev). |
|