TERUG NAAR START
Everdina Jansen
GeslachtVrouw
LeeftijdOnbekend
 
Overleden> 1792teEelen (Hellendoorn)
 
Kerkelijk huwelijk 29-12-1754 te Hellendoorn
 
metEvert Jan (ook Jan) Schuttevaar
 Gedoopt27-10-1728
 Overleden± 1792
Notities29 december 1754 Evert Jan Wilmsen Schuttevaar j.m. met Everdina Jansen j.d., beide te Eelen (bron: transcriptie Jan Hekhuis).
 
Notities persoon12 december 1788 [Kantlijn 6 oktober 1792 akte geroyeerd] Contract van allimentatie tussen Everdiene Jansen voor zich zelf en als boedelhoudster en wed. van Jan Schuttevaer en dus in deze ook als moeder van Maria Schuttevaer, zij in deze zoveel als nodig mocht zijn met Hendricus Podt als haar verkozen en toegelaten momber enerzijds en voorts haar meerderjarige kinderen Hermannus Schuttevaer, Jan Willem Schuttevaer en diens huisvrouw Willemine Brouwer van het Stokmans, laatstgenoemde ziek en zwak zijnde , maar goed bij verstand en voorts Gerrit Jan Schuttevaer en tenslotte Gerrit Jan Brouwer echtgenoot van Antonia Lucretia Schuttevaer allen meerderjarige kinderen en schoonkinderen. Betreft contract van overdracht van huishouding, boerenbedrijf en scheepvaart. Het is een contract met de oudste zoon die in het ouderlijk huids blijft inwonen. Hermannus dient aan zijn oudste broer Jan Willem Schuttevaer 200 guldens uit te keren, voorts een Bijbel of kerkboek met zilveren klampen en een nieuwe kleerkiste en zolang hij ongetrouwd is kost en inwoning. Aan zijn tweede broer Gerrit Jan een zelfde som van 200 guldens alsmede een nieuwe Bijbel of kerkboek met zilveren klampen. en idem zolang hij ongehuwd is kost en inwoning in het ouderlijk huis te genieten. Ten derde zal zijn oudste zuster Antonia Lucretia Schuttevaer ook krijgen 200 guldens en de zilveren beugel of tasbeugel van haar moeder en de helft van haar wollen en linnen kleding van haar moeder. Ten vierde aan zijn jongste zuster maria Schuttevaer, ook 200 guldens en de gerechte helft van de wollen en linnen kleding van haar moeder en een nieuw kerkboek of Bijbel met zilveren klampen en een nieuwe klerenkist (Bron: Archief Schoutambt Hellendoorn, inv. nr. 18 folio 287 foto 152).

6 oktober 1792 Everdiene Jansen voor zich zelf en als boedelhoudster van wijlen Jan Schuttevaer, maar ook als moeder en wettige voogdes van haar minderjarige dochter Maria Schuttevaar, gesterkt met haar oudste zoon Hermannus Schuttevaar, voorts haar meerderjarige kinderen: Hermannus Schuttevaar, Jan Willem Schuttevaar en zijn huisvrouw Willemine Brouwer, Gerrit Jan Schuttevaar, en Gerrit Jan Brouwer van het Stokmans en zijn vrouw Antonia Lucretia Schuttevaar. !2 december 1788 hebben voornoemde personen een contract gesloten wordt hierbij geroyeerd. Everdiene Jansen. Everdine Jansen zal de onverdeelde boedel van wijlen haar man en haar in haar geheel mogen bezitten en gebruiken. Na haar overlijden zal alles aan haar zoon Jan Willem Schuttevaar en zijn vrouw Hendriene Brouwer toevallen op voorwaarde dat zij zullen uitkeren aan: Hermannus Schuttevaar niets, zolang hij op de ouderlijke boerderij blijft inwonen zullen zij hem kost en onderhoud verstrekken zo lang hij leeft. Maar mocht hij de woning verlaten dan dient hij 400 guldens uitgekeerd te krijgen. Aan zijn jongste broer Gerrit Jan Schuttevaar dient uitgekeerd te worden 200 guldens en een nieuwe Bijbel of Kerkboek met zilveren klampenetc. etc. gesproken wordt verder nog over de verdeleing van de bijenkorven (ijmen). (Bron: Archief Schoutambt Hellendoorn, inv. nr. 19 folio 22 foto 22).