| Notities persoon | boer, schout in 1750 en 1751. In 1752 wordt Hendriks zwager Gerrit Winter tot schout verkozen. Volgens Herman Jansen, in Ken uw dorp en heb het lief blz. 233 had Hendrik Bramer als schout niet naar volle tevredenheid gefunctioneerd. Woonde naast het Éémsgoed aan het Oosteinde (in de buurt van nr. 193 huidige nummering). Wordt in het hoofdgeldkohier van 1737 aangeslagen voor 3 personen en moet 1,60 betalen, dat is dus ca. 0,53 per persoon tegenover een gemiddelde van 0,46 voor het Oosteinde in dat jaar. In ca. 1735 beschikt hij volgens het boterpachtreegister over 5 akkers land en 1 1/2 akker "woesten land", dat wil zeggen turfland. Zeker geen onbemiddelde boer.
In 1748 bij de volkstelling van 1748 wordt hij genoemd "Henr. Braamer" weeduwenaar, hij heeft dan nog 3 kinderen boven de 10 jaar in huis, te weten, Frerik, Gerrit en Harmanus. Verder beschikt het gezin dan over een dienstbode genaamd Kunnigien Onweer.
1751 schout van Vriezenveen (bron: Naamlijst van drosten, kasteleins, richters en schouten Overijssel deel 2; Het Kwartier van Twente uitgave A sept. 1989 RA Zwolle).
Hendrik Bramer zat er warmpjes bij in de kohieren van de 1000e penning wordt zijn vermogen als volgt ingeschat: 1715: 750 gulden 1734: 2500 gulden 1739: 2500 gulden 1751: 1250 gulden (met de toevoeging scholtes)
In een stuk van archief Huize Almelo (inv. nr. 3202) wordt Hendrik de oom genoemd van Grietje Jansen Schol ( gehuwd met Berent Brouwer) en ook van Nicolaas Harwig (1e huwelijk met Johanna Jansen Schol).
16 maart 1712 Gerrit Westerick en Berent Jansen Westerick en zijn vrouw Willemke Roelofs verklaren schuldig te zijn aan Henrick Gerritsen Winter 1000 caroli guldens en aan Henr. Frerricks Braamhaer 700 caroli guldens tegn 4 procent. NB Kantlijn: 14 mei 1760 verschenen Hendrik Freriks Braamhaer voor zichzelf en voor wijlen zijn schoonvader Hendrik Gerritsen Winter verklaart dat de intrest en de schulden zijn voldaan en dat de schuldakte geroyeerd kan worden (Bron: Archief Richterambt Kedingen, inv. nr. 1 foto 84). | | Notities overlijden | 3 maart 1755 wordt Hendrik nog vermeld als legitiem erfgenaam in het testament van zijn zoon Gerrit (archief: schoutambt Vriezenveen, inv. nr. 2675). |
|